RAPPORT OVER TAALACHTERSTAND UTRECHTSE JONGEREN GEPRESENTEERD TIJDENS COLLEGE

Veel Utrechtse jongeren hebben een taalachterstand. Meer dan 14% van de middelbare scholieren heeft moeite met het lezen en begrijpen van schoolboeken. Uit onderzoek blijkt dat er in Utrecht te weinig aanbod is voor jongeren tussen de 8 en 20 jaar.  Tijdens het Taal doet meer College op 16 juli zijn de uitkomsten besproken met onderwijs, gemeente, bedrijven en vrijwilligers.

Gemma de Wit, trainee bij Taal doet meer, heeft in beeld gebracht waar Utrechtse middelbare scholieren terecht kunnen als ze taalproblemen hebben. Ze komt tot de conclusie dat er juist voor deze groep weinig is. Scholen werken uiteraard aan het verbeteren van taalvaardigheid van hun leerlingen. Maar dat is niet voldoende en buiten school zijn er te weinig mogelijkheden om extra aan taalvaardigheid te werken. Daar komt bij dat het aanbod dat er is lastig te vinden is voor jongeren, ouders en doorverwijzers.  Huiswerkinstituten zijn voor de ouders van veel jongeren met taalproblemen te duur. De Wit pleit voor brede aandacht voor jongeren en taal, zowel op school als daarbuiten. Ook ouders kunnen daar veel actiever bij betrokken worden. Tijdens het Taal doet meer College op 16 juli heeft ze het rapport aan Selma Bas aangeboden. Selma Bas is Utrechts Raadslid voor D66.

De uitkomsten van het onderzoek zijn vervolgens besproken met aanwezigen uit het onderwijs, bedrijfsleven en van maatschappelijke organisaties. Centrale spreker was Paul Leseman van de Universiteit Utrecht. Hij is deskundige op het gebied van taalontwikkeling en meertaligheid. Een deskundigenpanel, bestaande uit Paul Leseman (Universiteit Utrecht), Nadia Daoudi (Samenwerkingsverband Sterk VO) en Wies Kooijman (gemeente Utrecht) zijn met de aanwezigen in gesprek gegaan over de aanpak van taalachterstand bij jongeren.

Lees hier het volledige rapport