Hetzelfde woord/dubbelrollen

Als achter vliegen vliegen vliegen vliegen vliegen vliegen achterna. Zes keer het woord vliegen, maar hebben deze woorden dezelfde betekenis?

  1. Schrijf de betekenis op van de verschillende ‘vliegen’.
  2. insect (zelfstandig naamwoord)
  3. insect (zelfstandig naamwoord)
  4. vliegen (werkwoord)
  5. vliegen (werkwoord)
  6. insect (zelfstandig naamwoord)
  7. insect (zelfstandig naamwoord)
  1. Bekijk nu het filmpje ‘Woorden’ van Kees Torn voor het antwoord. Kees Torn geeft er nog eentje die hij zelf heeft bedacht: ‘Als mollen mollen mollen mollen mollen mollen. Doe bij deze zin hetzelfde als bij de eerste: schrijf de betekenissen op.
  1. Bedenk nu zelf zo’n zin waarin woorden een dubbelrol spelen.
  1. Als je een komma zet in de zinnen over de mollen en de vliegen, wordt deze zin makkelijker om uit te spreken en de betekenis van de woorden wordt duidelijker. Waar zou je de komma neerzetten?

Tip: Spreek de zin hardop uit. Waar neem je een pauze?

Antwoord: als achter vliegen vliegen vliegen, vliegen vliegen vliegen achterna (tussen twee persoonsvormen zet je een komma). En: als mollen mollen mollen, mollen mollen mollen (ook hier tussen de twee werkwoorden, die allebei persoonsvorm zijn).