Taal Doet Meer
#doemeermettaal

Samen de krant lezen? Dat kan nu met de Start!-krant!

Willen je deelnemers graag de krant lezen? Dan hebben we goed nieuws!

Samen met de Bibliotheek Utrecht hebben we een abonnement op de Startkrant voor onze taalgroepjes. De Startkrant is een krant voor mensen die moeite hebben met (Nederlands) lezen. De krant wordt iedere maand uitgegeven en bevat nieuws uit binnen- en buitenland. De krant is zeer geschikt om samen met je deelnemers te lezen en het nieuws te bespreken. Het taalgebruik is eenvoudig, maar niet kinderachtig. De kranten zijn geschikt voor lezers op A2 en op B1 niveau.

Vier stuks op 5 locaties in de stad

De Startkrant ligt nu op 5 verschillende locaties, verspreid door de stad. Je vindt elke maand 4 nieuwe kranten in de bibliotheken van Overvecht, Kanaleneiland, Zuilen en Leidsche Rijn en in buurthuis Rosa in Lombok. Ben jij taalcoach op één van deze locaties en wil je ermee aan de slag? Je coördinator kan je vertellen waar de kranten precies liggen. Bij de kranten vind je ook een aantal tips voor werkvormen bij de Start!-krant. Let op: we gaan graag goed om met dit abonnement. De kranten mogen niet gekopieerd worden!

NOS nieuws van de week

Is het lezen van de startkrant voor jouw deelnemers niet haalbaar of zit je op een andere locatie? Dan is het NOS journaal in makkelijke taal misschien iets voor jullie. Elke week staat een nieuwe aflevering op YouTube met 3 nieuwsitems van de afgelopen week.

Werkvormen bij de Startkrant!

  • Foto’s en titels

Praat met elkaar over wat je ziet en beschrijf de foto’s. Lees ook de titels en de ondertitels bij de foto’s. Waar gaat de tekst waarschijnlijk over? Wat kunnen jullie al vertellen over het onderwerp?

  • Zelfstandig lezen en vertellen

Laat je deelnemers zelfstandig een kort artikel lezen. Het werkt motiverend om deelnemers zelf te laten kiezen waar ze over willen lezen. Daarna vertellen ze om de beurt in hun eigen woorden wat ze hebben gelezen.

  • Begrijpend lezen

Lees samen een tekst. Deelnemers kunnen zelfstandig lezen of iemand leest de tekst hardop voor. Dat laatste is handig als niet iedereen zelfstandig snel kan lezen. Na het lezen kun je vragen stellen over de tekst. Stel bijvoorbeeld vragen die beginnen met een vraagwoord zoals wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe…? Je kunt de deelnemers ook eerst vragen laten bedenken bij de tekst. Bespreek dan samen de antwoorden.

  • Nieuwe woorden

Staan er nieuwe woorden in de tekst? Bespreek dan wat het woord kan betekenen. Kunnen deelnemers de betekenis raden? Als je de tekst bespreekt met vragen, gebruik dan deze nieuwe woorden ook in je vraagstelling. Door de nieuwe woorden vaker te herhalen, blijven ze beter plakken en wordt de betekenis vaak duidelijker.

  • En jij?

Gebruik de tekst om te praten over de eigen ervaring van deelnemers. Vraag bijvoorbeeld: Heb jij ook weleens…? Hoe was dat? Zou je ook graag….? Nodig de deelnemers uit om te spreken en vragen aan elkaar te stellen.

Lees meer: